Nieuws
Home - Column - HELLP

HELLP

Tekst: Debby Haagmans

Op 24 april 2013 begon ons verhaal. Want daar was hij, ineens: onze Lenn. Vanwege het HELLP-syndroom werd hij met een spoedkeizersnede gehaald bij 33+5. Hij woog 1545 gram, veel te weinig voor zijn termijn. Vanwege complicaties mijnerzijds werd ik opgenomen op de Intensive Care, en terwijl ik daar lag te vechten voor mijn leven en onze zoon in de couveuse lag te overleven was er een verpleegkundige die de helderheid van geest had een kolf op mijn nachtkastje te zetten. Hulde aan haar, want hoewel borstvoeding geven voor ons heel belangrijk was, stond ons vizier daar na de heftigheid van alles niet op gericht. Compleet op de automatische piloot ging ik kolven, zo goed en kwaad als het ging. Een keizersnede, HELLP, prematuur, het was niet de droomstart waar ik op had gehoopt. Maar naast alles wat mijn lichaam – in mijn ogen – niet kon, lukte het kolven wel. Ik produceerde enorm veel melk.

Hij was vier dagen oud toen hij het zelf aan de borst mocht proberen. Hij woog 1420 gram, zijn laagste gewicht ooit, en hij hapte aan en dronk alsof het zo bedoeld was. Ik lag in bed, want zitten was nog te zwaar voor mij, ik had pijn aan mijn nog lekkende keizersnedewond, pijn in mijn nek en rug van het krampachtig liggen, prikkende infusen en een opgejaagd gevoel van het voortdurende gepiep op neonatologie, maar ik was apetrots: hij dronk, helemaal zelf. Dit ging ons lukken.

Na drie weken ziekenhuis kwam hij thuis. Ik was klaar om mijn kolf subiet opzij te schuiven: nu kon hij fulltime aan de borst drinken, maar hij besloot anders. Aan de borst drinken kostte meer energie dan uit de fles dus de eerste tijd kolfde ik alles, behalve de nachtvoedingen, zodat hij alle energie kon steken in groeien. Hij had het nodig. Het duurde weken voor hij aan de borst ook effectief dronk, eerst met tepelhoedje, daarna zomaar opeens zonder.

Openbaar voeden was iets wat er bij hoorde, meende ik. Als je honger hebt, moet je eten. Ook (of juist) als je pasgeboren bent. Ik wist niet dat een prematuur en dysmatuur kind zó vaak gevoed moest. Elk uur was geen uitzondering, ook ’s nachts niet, en vanaf het moment dat hij alles live dronk, werd openbaar voeden eerder regel dan uitzondering. Het schoolplein, de wachtkamer van de huisarts/gynaecoloog/tandarts, op kraamvisite, in de speeltuin, in het zwembad, in de dierentuin, op het bankje voor de supermarkt, waar wij ook waren: er moest gevoed worden. Nooit eerder was ik zo overtuigd van het gemak en belang van borstvoeding. Dolgelukkig dat het tot de mogelijkheden behoorde, gunde ik hem datgene waar hij zo veel behoefte aan had: voeding uiteraard, maar ook troost, geborgenheid, veiligheid. Allemaal dingen die hij moest ontberen toen zijn leven zo abrupt begon terwijl hij er nog niet aan toe was de baarmoeder te verlaten en zijn wereld bestond uit een plastic box waar voornamelijk vreemde handen hem aanraakten. Geborgenheid gaat boven alles, meenden wij, en zeker boven andermans mening omtrent borstvoeding.

HELLP

Ik wilde heel graag een jaar borstvoeding geven, het was mijn persoonlijke minimum. Maar we waren beide nog helemaal niet klaar na een jaar voeden, dus ik liet het los, ik liet het aan hem: we zouden stoppen wanneer hij er aan toe was. Toen hij 18 maanden was hadden wij weer een positieve zwangerschapstest in handen. Heel spannend, na een vorige zwangerschap die niet geheel volgens het boekje was verlopen, maar we hadden er alle vertrouwen in. Al gauw liep mijn melk terug, maar dat deerde Lenn niets: hij bleef drinken, hij bleef de warmte opzoeken.

Mijn zwangerschap kwam tot een abrupt einde toen op 23 april 2015 bleek dat onze ongeboren dochter bij 29 weken zwangerschap in mijn buik was overleden. Oorzaak bleek een loslating van de placenta, vermoedelijk ten gevolge van wederom HELLP. Onze dochter Elva werd geboren op 24 april 2015, exact dezelfde dag als haar broer twee jaar eerder, wat een bitterzoet toeval. En daar lag ik dan, wederom op de Intensive Care, maar dit keer met het mooiste dode meisje van de wereld in een wiegje naast mijn bed. De gynaecoloog bood medicatie aan om de stuwing tegen te gaan. Ik weigerde, ik had immers een Lenn die nog aan de borst dronk. Het personeel in het ziekenhuis vroeg zich af of nu niet een mooi moment was om te stoppen. Hij heeft twee jaar borstvoeding gehad en dat is een flinke tijd, jij kan je energie echt goed gebruiken voor jezelf, nu je hier ligt drinkt hij ook niet aan de borst.. En hoewel elk argument valide was, wilde ik het niet. Pertinent niet. Alles wat voor Elva bedoeld was, kon ik niet met goed fatsoen zo uit mijn leven weren. Het zou haar, en mij, geen recht doen. Ik was zo teleurgesteld omtrent het (wederom..) falen van mijn lichaam, ik had het ook gewoon nodig dat er iets was wat het nog wel goed kon. Ik was nog niet klaar met borstvoeding geven, en Lenn was nog niet klaar met borstvoeding krijgen.

Dus maakten wij een doorstart. Daar op de IC, met Elva in het wiegje naast ons, verloste Lenn mij van de ergste stuwing ooit. Hij was verheugd dat er weer melk aanwezig was, en heeft uiteindelijk 29 volle maanden borstvoeding gekregen. Van HELLP en prematuur/dysmatuur naar weer HELLP en een overleden kindje, en dan toch bijna 2,5 jaar voeden: ik ben overweldigend trots en gelukkig dat we op zo een fijne en lange tijd terug kunnen kijken. Trots op hem, trots op mij, trots op ons.

In onze vriezer staat een flesje borstvoeding, heb ik afgekolfd in de kraamweek van Elva. Het was de bedoeling om er iets moois mee te maken, maar ik denk dat ik het gewoon zo laat. Het is het meest tastbare bewijs dat ik heb aan haar geboorte, en aan de mooie tijd borstvoeding die Lenn heeft gekregen. Mede dankzij zijn zusje. Verbonden tot in de oneindigheid, onze kindjes, we koesteren ze.

Bekijk ook

Melkpunt fotoshoot 2016

Melkpunt Campagne 2016: achter de schermen

Tekst: Annemarie Pera & Ayinda Schlüter Het is weer campagnetijd! Elk jaar presenteert Melkpunt de …